
In Pamplona vindt iedere ochtend tussen 07 en 14 juli het Fiesta de San Fermin plaats. Een van de deelnemers is een jonge
vrouw genaamd Garoa Aristeguy. Maar sinds enige tijd is Garoa politieagente en haar deelname aan het feest is niet iets wat
haar baas kan waarderen. Er is dan ook werk aan de winkel voor de jonge politieagente. Ze wordt naar het museum in Navarra
gestuurd. Er is een inbraak geweest in het bureau van de conservator en deze inbraak is niet goed afgelopen. Bij haar
aankomst maakt Garoa kennis met de conservator. Deze laatste is in het gezelschap van een geestelijke. Deze blijkt een
collega van de conservator te zijn en het hoofd van de archieven van de Santa Maria kathedraal.
Uit het kantoor van de conservator zijn twee oude kruiken gestolen. Toch doet de man er wat lichtjes over
tegenover Garoa, die dan al vermoedt dat er meer aan de hand is. Dat de inbraak een bijzonder slecht vervolg kende kwam
doordat de daders bij hun vlucht een aantal omstanders hebben aangereden. Gevolg twee doden en verschillende gewonden.
Garoa wil de conservator nog nader aan de tand voelen maar besluit eerst met de geestelijke te gaan praten. Maar ze is
echter te laat, de man wordt dood aangetroffen. Aangeslagen vertelt de conservator later op de dag aan Garoa wat er echt is
voorgevallen. Ze zitten in het restaurant Banu Qasi.

Een aantal jongeren hebben een archeologische vondst gedaan in een grot.
In de kruiken zaten bijzondere rollen, vergelijkbaar met de dode zee rollen. Een van de rollen was in een taal die de
conservator niet kon lezen, namelijk in het Armeens. Samen met het hoofd van de archieven bestudeerde hij de rollen. Omdat
de conservator niet zeker was van zijn zaak heeft hij iemand anders geraadpleegd, ene Uxo Braga. Deze laatste is een expert
in het West-Gotische tijdperk en in die overgangsperiode waarin de Saracenen oprukten en zich terugtrokken. Op een van de
rollen zat het zegel van Karel de Grote, vandaar het bericht. Garoa reageert als door een bij gestoken wanneer ze hoort wat
hij gedaan heeft en sleept de man mee het restaurant uit. Maar wanneer ze in de straten lopen worden ze door twee gemaskerde
mannen beschoten en de conservator is dodelijk gewond. Hoewel de eerste sporen lijken te wijzen op betrokkenheid van de ETA,
ontkent deze groepering alle betrokkenheid. De conservator had nog wel een aanwijzing gegeven voor hij stierf en omdat het
onderzoek een wel heel bijzondere kant opgaat, roept de baas van Garoa bijzondere hulp in.
De reeks wordt vervolgd met het album 'De Sint-Jakobsweg' (Sur la route de Saint Jacques). Het is de slag van Roncevaux van
15 augustus 778 die ditmaal de historische gebeurtenis is die de aanleiding is van het avontuur.
De titel van het album verwijst naar Jakobus de Meerdere, een discipel en apostel van Jezus Christus. Volgens een legende
was zijn graf ontdekt in de buurt van Santiago de Compostella. Daarnaast speelt hij een rol bij een veldslag uit 859 tegen
de Moren (of Saracenen). Wederom volgens een legende bood hij hulp aan de koning die tegen de Moren in Spanje vocht. In
Spanje wordt Sint Jakobus ook wel aangeduid als Santiago. Er is zelfs een militaire ridderorde naar hem vernoemd die in
1170 werd gesticht. Dit is de Orde van Sint-Jacob van het zwaard.
De Slag van de Roncesvaux-Pas vond zoals gezegd plaats in 778. Op deze slag is het legendarische Roelandslied gebaseerd.
De Karolingische leider Roland werd tijdens deze slag gedood door Baskische strijders. Toen Karel de Grote vernam wat er zich
afspeelde keerde hij terug om hulp te bieden. Maar de slag was toen al geleverd.
Het zijn deze ingrediënten die Novy in het verhaal heeft gegoten. Maar dit gebeurd op een manier waarbij je nog al
eens de draad van het verhaal een beetje kwijtraakt. Er is werkelijk een stortvloed aan informatie in het verhaal verwerkt.
Wat het belang is van de kruiken en de inhoud hiervan wordt op het einde duidelijk gemaakt. Het moordonderzoek krijgt
echter veel minder aandacht in het scenario. Over de tekeningen van Dan Popescu kan ik vermelden dat hij op zich goed werk
levert, maar bij de uitbeelding van Garoa kan je wel je wenkbrauwen enigszins fronsen. De jonge politieagente wordt wel
heel wulps neergezet. Nu is dit op zichzelf geen punt, maar wanneer je samen met een speciale eenheid de woning van
vermoedelijke moordenaars bestormt, lijkt het mij toch wel handig dat je dit niet in je zomerjurkje doet. Over het geheel
is het tweede deel minder dan het eerste uit deze serie. Wellicht dat er revanche volgt.