|
|

 Op een morgen vindt Asterix een kleine baby op zijn deurstoep. De moeder is nergens te bekennen. Samen met Obelix zorgt de kleine Gallische krijger er eerst voor dat de baby verschoond wordt en dat het kind iets te eten krijgt. Daarna gaat hij naar het stamhoofd Abraracourcix om te vertellen wat hij gevonden heeft. Maar omdat hij natuurlijk een ongetrouwde krijger is, doet Bellefleur al snel de suggestie dat Asterix zonder al teveel moeite misschien wel de moeder op kan sporen. Zij denkt (en zij niet alleen) dat Asterix de vader is van het kind, dit tot grote woede van Asterix. Maar dan roept Obelix. Het kleine ventje heeft per ongeluk wat toverdrank binnengekregen. Omdat hij niet de eerste baby is die dit overkomt, maken de dorpsbewoners zich weinig zorgen. Een lokale koe vindt het iets minder prettig. Er wordt besloten dat het kind bij Asterix blijft. Op zijn beurt vraagt de Galliër zich natuurlijk af van wie het kind is. Omdat hij vermoedt dat de Romeinen er wel meer vanaf zullen weten, gaat hij samen met Obelix de legerkampen af. Dit tot ongenoegen van de Romeinen overigens. De tocht lijkt op niets uit te draaien, maar in het laatste kamp komt Asterix aan de weet dat er een Romein op volkstelling is. Dit wisten de vrienden al, want die waren ze ook al tegen gekomen. Maar volgens de commandant van het kamp is de volkstelling een smoes en is de Romein op zoek naar het kind. En dat klopt ook. De Romein, Calculatus, is in opdracht van Brutus (de aangenomen zoon van Caesar) op zoek naar het kind.  Wanneer Calculatus in het paleis van de prefect is, ontmoet hij daar zijn opdrachtgever. Dan blijkt dat Brutus het kind moet en zal vinden. Koste wat het kost. Omdat Brutus de hulp van Calculatus nodig heeft verteld hij hem wat de afkomst is van het kind. En Calculatus heeft een plan. Ondertussen bezorgt de kleine Asterix de nodige kopzorgen. En tot overmaat van ramp valt hij in een ketel waar nog wat toverdrank in zat. De problemen voor Asterix als pleegvader houden nog even aan. De Romeinen voeren ondertussen hun plan uit. Er wordt een vrijwilliger aangewezen en in vermomming naar het dorp gestuurd. Hij doet zich voor als verkoper van rammelaars. Alleen denkt de baby dat de vermomde soldaat de rammelaar is en deze spoed zich terug naar het kamp. Tijd voor plan B. Nu gaat Calculatus als vrouw vermomd naar het dorp. Maar ook dit haalt niets uit. Dan zet Brutus grove middelen in. Het dorp vliegt in brand. Bellefleur en de andere vrouwen nemen de baby mee naar het strand waar Brutus hen opwacht. Hij neemt het kind mee, maar Asterix en Obelix redden het kind. Dan verschijnt Caesar die wel eens wil weten wat er allemaal aan de hand is. Ook hij vraagt waarom Brutus een kind wil ontvoeren. Het antwoord komt van Cleopatra. Het kind is haar zoon en die van Caesar en dus een bedreiging voor de opvolging door Brutus. Caesar is de Galliërs dank verschuldigd. Zijn troepen zullen het dorp weer opbouwen. En het feestmaal is ditmaal op het schip van Cleopatra, en ook Caesar neemt deel aan de maaltijd. De zoon van Asterix (Le fils d'Astérix) verscheen in 1983. Het album is minder sterk dan dat iedereen gewend was in de Asterix reeks. Ook het aantal verwijzingen in dit verhaal is minder. Wel wordt op pagina 19 nog een grap gemaakt over de menhirs die bij Carnac staan. Dit is overigens niet de eerste keer dat naar Carnac verwezen wordt in de serie. Ook in Asterix in Hispania gebeurde dit al eens. Op pagina 23 van dat album verwijst Kostunrix de vishandelaar ernaar. Verder moet het scenario het toch vooral hebben van de "ongelukjes" van de baby en de stunteligheid van de Romeinen. Wel opvallend is natuurlijk dat op het einde van het album Caesar en Cleopatra (die natuurlijk ook al eerder in de reeks voorkwam) deelnemen aan het feestmaal. |
 Vier jaar lang bleef het stil op het gebied van de verhalen over Asterix. Maar in 1987 verscheen het volgende deel, Asterix in Indus-land (Astérix chez Rahàzade). De dorpelingen vieren uitgebreid feest. De reden? Hun dorp is door de soldaten van Caesar weer helemaal opgebouwd (zie De zoon van Asterix). Maar terwijl Abraracourcix verwoedde pogingen doet om zijn toespraak te geven, opent ook de bard Assurancetourix zijn mond. Het gevolg is dat er regen uit de hemel valt. Maar dit is niet het enige dat naar beneden valt. Tot verbazing van iedereen valt er ook een man naar beneden uit de lucht. Het is Wiesda de fakir, die net boven het dorp vloog op zijn tapijt toen de bard zijn mond open deed. En wat blijkt nu? De fakir was net op zoek naar het dorp van onze vrienden. Hij heeft hun hulp nodig. Wiesda komt uit een koninkrijk in de Ganges vallei.Normaal gesproken heerst daar nu de moesson, zodat de overdadige regen de akkers kunnen besproeien. Maar de fakir vermoed dat zij hun god Indra hebben beledigd, want de regen blijft uit. Zijn koning (Radja Wasa) heeft een dochter, prinses Aladina. Maar nu heeft de geestelijke leider, goeroe Werda, bevolen dat wanneer er over duizend-en-één-uur geen regen is gevallen, de prinses geofferd zal worden. De fakir wil dan ook graag de bard van het dorp meenemen om de regen op te wekken. Natuurlijk gaan onze vrienden hier mee akkoord. Ook Asterix en Obelix zullen de reis gaan maken. Goeroe Werda heeft dit plannetje verzonnen om de enige troonopvolgster van de koning uit de weg te ruimen en zo zelf aan de macht te komen. De Galliërs beginnen aan hun lange vlucht op het tapijt, waarbij ze onderweg een aantal oude bekenden de groeten doen. Maar wanneer Assurancetourix onderweg niet stopt met "zingen" springt Wiesda van het tapijt af. Het gevolg is dat ze neerstorten en in de oceaan terechtkomen. Gelukkig is er een Grieks schip in de buurt. Alleen jammer dat Wiesda in een wijnvat terecht is gekomen en nu dronken is. De reis wordt nu voortgezet met meer conventionelere middelen, namelijk het zeilschip. Maar de bard heeft zijn lesje nog niet geleerd en trekt weer zijn mond open. Het gevolg is ditmaal een zware storm die het schip op de kust doet landen. Maar gelukkig is Wiesda voldoende hersteld om de reis met het tapijt te hervatten.  De groep vliegt een aantal dagen voort. Maar dan slaat de bliksem in het tapijt en moeten ze een noodlanding in Perzië maken. Hoewel de pers ze eerst niet wil helpen, komt dit na een goed gesprek met Obelix toch voor elkaar. Vervolgens is er nog een kleine ontmoeting met een groep zwervende bandieten, maar dat is voor de twee vrienden geen enkel probleem. En zo duurt de reis voort. Maar uiteindelijk komen ze dan aan bij het paleis van Radja Wasda. Er volgt een snelle audiëntie en de bard kan beginnen. Maar dan slaat de rampspoed toch weer toe. De bard is zijn stem kwijt, er komt geen geluid meer uit zijn keel. De artsen van het hof onderzoeken Assurancetourix en komen tot de conclusie dat hij een bad moet nemen met de melk van een olifantenmoeder, vermengd met nog een paar ingrediënten. De Galliërs vinden al snel het benodigde en de bard begint aan zijn bad. Maar ondertussen zit ook goeroe Werda niet stil. Zijn mannen ontvoeren de bard en brengen hem naar het olifantenkerkhof midden in de jungle. Terwijl Wiesda zijn handen vol heeft aan een boosaardige collega, gaan Asterix en Obelix Assurancetourix ophalen. Althans dat denken ze. Al snel komen ze er achter dat de bard verdwenen is. Na een zoektocht wordt de bard gevonden. En wanneer alles verloren lijkt voor de prinses komen onze vrienden te voorschijn om haar te redden. De bard heeft zijn stem weer terug en het regent dat het giet. Het werk van de vrienden zit erop en zij keren terug naar het dorp om het avontuur te besluiten met een feestmaal. Een beter album dan het voorgaande deel uit de reeks, hiermee revancheert Uderzo zich. De dappere Galliërs vertrekken wederom naar een ander werelddeel en belanden in de wereld van duizend-en-één-nacht. In dit verhaal is een manier van vertellen toegepast die wel vaker wordt gehanteerd. De hoofdpersonages maken een reis van A naar B, waarbij de reis de gelegenheid biedt om allerlei grappen te vertellen. Dat is dan ook het geval. Soms is het een ontmoeting met een oude bekende (de piraten, Caesar) in een ander geval een losse opmerking of een verwijzing. De verwijzing naar de oosterse sprookjes zit hem natuurlijk al in het aantal uren wat de prinses scheidt van de dood, duizend-en-één. Maar Uderzo gebruikt maar woordspelingen. Zo is er op pagina 13 de verwijzing naar het spreekwoord dat alle wegen naar Rome leiden (m.a.w. er zijn veel manieren om hetzelfde doel te bereiken). Ook grappig, het monster van Frankenstein is weer present als lid van de piraten en de opmerking van de leider op pagina 19 dat "er weer een avontuur in het water valt". Dit terwijl het piratenschip onderweg is naar de zeebodem. Wat natuurlijk ook opvalt is dat het gezang van de bard Assurancetourix, nu de oorzaak is dat er regen valt (en soms niet zo'n klein beetje ook). Leuk is dan ook de sketch op pagina 25. Tijdens de vlucht begint het te regenen en iedereen verdenkt de bard ervan, die toch echt bezweert er niets mee te maken te hebben. Op pagina 43 van het album staat nog een verwijzing naar een andere strip. Goeroe Werda verwijst naar zijn neef Iznogoud en dat hij dan de radja zal zijn in plaats van de huidige radja. Een leuke verwijzing van Uderzo naar een andere serie waaraan René Goscinny heeft gewerkt, namelijk Iznogoedh (uitspreken met een Frans accent als "is no good"). Goscinny maakte de scenario's en Jean Tabary verzorgde de tekeningen. In deze strip doet Grootvizier Iznogoedh verwoedde pogingen om de plaats in te nemen van de huidige kalief. Maar deze opmerking is niet de enige verwijzing. Wanneer je beide strips naast elkaar legt, dan is duidelijk dat de vormgeving van de goeroe en vooral die van de slechte fakir Dankewi, gebaseerd is op de strip Iznogoedh. Opnieuw een leuke ode van Albert Uderzo. |
 In het Gallische dorp rommelt het enigszins. De vrouwen zijn bijzonder ontevreden over de wijze waarop Assurancetourix les geeft en dan vooral het muzikale deel ervan. Ze hebben een pedagoge uit Lutetia bereid gevonden om de kinderen in het dorp les te geven. Woedend beent Assurancetourix weg. Al snel verschijnt de vrouw, Maestria, verschijnt al snel in wat zij zelf noemt "het gekkendorp". Maestria is een vrouwelijke bard en mag dus volgens de Gallische wetten les geven.  Met Obelix loopt het direct fout. Hij moet nogal lachen om het punt dat de strepen op de broek van Maestria horizontaal lopen. Dit komt hem dan ook op repliek te staan. Maestria neemt haar intrek in de hut van de bard, aangezien Assurancetourix toch het dorp heeft verlaten. Maar de invloed van Maestria reikt al snel verder in het dorp dan alleen die van de bard zijn. ze moedigt de andere vrouwen in het dorp aan de ketenen van de man af te werpen en zich zelfstandig te verklaren. Een echte feministe in het dorp van onze vrienden dus. En in eerste instantie lijkt Maestria ook succes te boeken. De vrouwen laten de rokken thuis en trekken de broek aan in het dorp. Maar er komen nog meer problemen aan. In Rome is Caesar akkoord gegaan met en gewaagd plan. Een adviseur van Caesar, Gladjanus, heeft een speciale centurie opgeleid. Deze bestaat volledig uit vrouwen. De reden: het is de Gallische krijgers verboden om met vrouwen te vechten en dus is het de ideale manier om het dorp in te nemen. Ondertussen gaan de ontwikkelingen in het dorp heel hard. Er komt een stemming wie het nieuwe stamhoofd zal zijn, Abraracourcix of Bellefleur. Maar Asterix heeft nog een probleem. Maestria ziet Asterix wel zitten en geeft hem zelfs een zoen. Omdat ze ook heeft gezegd dat ze beiden stamhoofd zullen worden (gecombineerd met de onverwachte zoen) is de reden dat Asterix Maestria een dreun geeft. Dit tot zijn eigen grote schrik. Het komt zover dat alle mannen het dorp verlaten. Er is een grote tweespalt ontstaan. De Romeinen weten nog nergens van en het vrouwelijke legioen komt aan in Gallië. Maestria wil vrede sluiten met de Romeinse dames, maar komt van een koude kermis thuis. dan heeft Asterix een plan en Maestria gaat akkoord. Wanneer het vrouwelijke legioen het dorp bereikt, is dit volledig in gericht als een soort winkelcentrum vol met koopjes. De vrouwelijke legionairs zijn volledig in beslag genomen en van een verovering komt niets meer. Voeg daarbij het talent van Assurancetourix om de regen te doen ontbranden als hij zingt en de nederlaag van de Romeinen is compleet. In het dorp komt alles weer goed en Caesar is niet bepaald de lachende derde. Het album 'Asterix De roos en het zwaard' (Astérix la rose et le glaive) uit 1991 is een sociale satire geworden. Het richt zich op het vraagstuk van de strijd tussen de seksen, waarbij het verhaal vooral beïnvloedt is door de worsteling van vrouwen om hun maatschappelijke positie te verwerven in de samenleving. Hoewel het tegenwoordig heel normaal is, moet je wel gedachten houden dat het album in het begin van de jaren 90 is verschenen. De denkbeelden die eind jaren 80, begin jaren 90 heersten voor wat betreft leidinggevende posities voor vrouwen waren nog lang zo liberaal als heden ten dage. Uderzo trekt de registers open en laat allerlei vooroordelen en valkuilen zien. Uderzo schrikt er ook niet voor terug om stereotyperingen op te voeren (de koopjesdrift van de vrouwelijke legionairs bijvoorbeeld en het eet- en drinkfestijn dat de mannen aanrichten). Maar hij wijst er ook op dat een deel van de wijze waarop mannen en vrouwen zich gedragen van alle tijden is. Hoewel een grote mond, kunnen de mannen toch niet zonder hun gezinnen, en de vrouwen blijven hun zorgzame kant tonen. Een andere valkuil waar op gewezen wordt, zij het terloops, is dat wanneer vrouwen zich binnen een organisatie op dezelfde wijze gaan gedragen als hun mannelijke tegenhangers er niets wezenlijks verandert. Wanneer Maestria zich als een soort Machiavelli begint te manifesteren gaat het fout tussen haar en Asterix. Ook komt zij later bedrogen uit wanneer ze vrede wil sluiten met de Romeinse vrouwen. Deze voelen zich nog aan hun taak gebonden om het dorp te veroveren door geweld. Uderzo houdt ons een aardige spiegel voor. |
 Een bijzonder album in de Asterix serie wordt gevormd door Asterix het pretpakket (Astérix et la rentrée gauloise). In Nederland verscheen dit album in 2003, maar In Frankrijk was het al 10 jaar eerder verschenen. Anders dan de overige albums bevat dit deel niet één doorlopend verhaal, maar is het een verzameling van 14 korte verhalen. Het album met de korte verhalen werd in 1993 in Frankrijk uitgebracht ter ondersteuning voor de verkoop van video's van de eerste Asterix films. Een aantal van de verhalen in dit album waren al eerder in Nederland verschenen in onder meer een reclame-uitgave en een schoolagenda. Daarnaast is bijvoorbeeld ook een verhaal opgenomen dat speciaal was gemaakt voor het blad Elle. Een aantal verhalen zijn gemaakt door René Goscinny en Albert Uderzo, sommige alleen door Albert Uderzo. De volgende verhalen zijn in het album opgenomen met daarachter weergegeven de oorspronkelijke publicatiebron. ·Terug naar school door Goscinny en Uderzo (Pilote 1966) ·De geboorte van Asterix door Uderzo (Journal Exceptionnel Astérix 1994) ·In 50 voor J.C. door Goscinny en Uderzo (National Geographic 1977) ·Canteclerix de Gallische haan door Uderzo (nooit eerder gepubliceerd) ·De mistletoe door Goscinny en Uderzo (Pilote 1967) ·Mini midi maxi door Goscinny en Uderzo (Elle 1971) ·Asterix zoals hij nog nooit te zien was door Goscinny en Uderzo (Pilote 1969) ·Olympische Lutetia door Uderzo (Jours de France & Parijs olympische stad in 92 1986) ·De Gallische lente door Goscinny en Uderzo (Pilote 1966) ·De mascote door Goscinny en Uderzo (Pilote 1968) ·Latijnomanie door Goscinny en Uderzo (Astérix et la rentrée gauloise 1973) ·De auteurs voor het voetlicht door Goscinny en Uderzo (1962-1963) ·Obelisc'h door Goscinny en Uderzo (Pilote 1963) ·De geboorte van een idee door Goscinny en Uderzo (Pilote 1962) |
 Er is flink wat hommeles in Rome. Caesar is één van zijn schepen kwijtgeraakt aan een groep opstandige slaven. En wat voor een schip. Het mooiste en fraaiste van de hele vloot. Het is de taak van de ongelukkige admiraal Juventus om het bericht aan de Romeinse leider over te brengen. Om de toorn van Caesar enigszins tot bedaren te brengen belooft de admiraal er alles aan te doen om de zaak recht te zetten. Direct geeft hij zijn orders om ervoor te zorgen dat het galei terugkomt.  De ontsnapte slaven varen ondertussen op volle zee met het galei van Caesar. Ze worden aangevoerd door de Griek Spartakis. Hij wil de mannen naar de vrijheid leiden. Maar waar naar toe? De soldaten van Caesar zijn overal in de bekende, oude wereld. Dan krijgt één van de mannen een idee. Hij is een Brit en zijn oom Notax (die wij kennen uit Asterix en de Britten) heeft de man vertelt over een klein Gallisch dorpje dat niet veroverd kan worden door de Romeinen. Dit komt volgens hem omdat de inwoners een toverdrank hebben. Dit is natuurlijk het dorp van onze vrienden. En zetten de opvarenden koers naar de kust van Armorica. In het kleine dorpje maakt Obelix zich zorgen. Zorgen omdat hij had gedroomd dat Caesar al zijn troepen zou terugtrekken. Maar hier hoeft de menhirhouwer zich geen zorgen om te maken. Er wordt alarm geslagen, want de Romeinen vallen aan. Nadat de Galliërs op hun beurt de Romeinen hebben aangevallen (en in de pan gehakt hebben natuurlijk) blijkt er sprake van een klein misverstand. De Romeinen waren helemaal niet van plan aan te vallen. Zij oefenden de parade omdat admiraal Juventus er aan komt. Maar dan valt het Asterix op dat Obelix bij de knokpartij niet aanwezig was. Eenmaal terug in het dorp is de reden snel duidelijk. Obelix heeft eindelijk gedaan wat hij al zo lang van plan was. Namelijk een ketel toverdrank drinken, waardoor hij nu verandert is in een granieten standbeeld. Terwijl Panoramix een tegengif zoekt, proberen de dorpsbewoners van alles om Obelix weer terug te krijgen. Maar niets helpt. Zelfs geen gebraden everzwijn of een kus van Walhalla! Ondertussen arriveert Spartakis in het dorp en vraagt om hulp. Natuurlijk krijgt hij deze van de dorpelingen. Terwijl Asterix somber terugloopt naar zijn hut hoort hij plotseling Obelix. Alleen Obelix is veranderd in een jong kind. Uit frustatie omdat hij weer kind is en zijn krachten kwijt is gaat Obelix het dorp in en wordt gevangen genomen door een groep Romeinen. Zij zijn erop uit gestuurd om een gijzelaar te nemen in ruil voor de ontsnapte slaven en het galei. Zodra Asterix beseft wat er is gebeurt, brengen de dorpelingen en de slaven een bezoekje aan de Romeinen. Maar Obelix is al door de admiraal meegenomen op zijn schip.  Gelukkig hebben de Galliërs nu ook een schip. Het galei van Caesar. Samen met de mannen van Spartakis zetten Asterix en Panoramix de achtervolging in. Het duurt niet lang voordat het galei van de admiraal is achterhaald en veroverd. Omdat er toch nog wat piraten in het water dreven doet Asterix het schip van de admiraal over aan hen. Maar Panoramix heeft intussen een idee om Obelix te helpen. Alleen moeten ze daarvoor naar het legendarische Atlantis. De overlevenden van dit gezonken rijk hebben veel kennis en kunnen misschien Obelix helpen. Maar wanneer Asterix het ruim ingaat, blijkt dat de toverdrank op is, ze zijn vergeten om een ton uit het andere schip te halen. En dus reizen de vrienden op de ouderwetse manier. Maar uiteindelijk bereiken ze Atlantis. Hoewel de inwoners van Atlantis Obelix niet kunnen helpen, hebben de slaven een nieuw thuis gevonden. Terwijl Asterix en Panoramix weer wegzeilen, vindt er op het schip met de admiraal en de piraten iets wonderlijks plaats. Admiraal Juventus drinkt wat van de toverdrank en neemt gelijk de macht over op het schip. Maar nu wil hij ook wel de macht in Rome overnemen. Het schip van Asterix en Panoramix wordt ondertussen geënterd door de Romeinen en zonder toverdrank zijn ze kansloos. Maar wanneer de Romeinen Asterix kwaad willen doen windt Obelix zich zo op dat hij weer de oude wordt. En met zijn teruggekeerde krachten rekent hij af met de Romeinen. Nu is Obelix weliswaar weer normaal, maar nu is de admiraal in graniet veranderd omdat hij de hele ton met toverdrank op heeft gedronken. Hij komt uiteindelijk in het circus terecht en onze vrienden bereiken het dorp en vieren het einde van het avontuur met een groot maal. Wederom een leuk album van Uderzo. In het verhaal maakt gebruik van de oude wens van Obelix om ook eens toverdrank te mogen drinken, maar door de overdosis verandert hij (tijdelijk) in graniet en later in een kind. Het verhaal begint uitstekend en de inbreng van de slaaf Spartakis is een goede vondst. Het is een prachtige karikatuur van Kirk Douglas die de rol van Spartacus speelde in de gelijknamige film, waarop het personage in het album is gebaseerd. Er heeft overigens ook in het echt een Spartacus geleefd. Hij was een Romeinse slaaf, die een grote slavenopstand leidde die duurde van 73 v.Chr. tot 71 v.Chr. Zijn leger van ontsnapte gladiatoren en slaven versloeg het Romeinse leger in verschillende veldslagen. De echte Spartacus is wat minder fijn aan zijn eind gekomen trouwens, hij werd gedood in een veldslag. Het enige minpuntje vind ik het gedeelte met Atlantis. Dit heeft alleen als doel om de slaven een nieuwe woonplaats te bieden, maar voegt wat mij betreft niets toe aan het verhaal. |
 Asterix en Obelix komen terug van de jacht (en een ontmoeting met een Romeinse patrouille). Maar wanneer ze het dorp binnen lopen lijkt het wel verlaten. Totdat ze een hoek om lopen en alle dorpelingen aantreffen die hen feliciteren met hun verjaardag. Zoals bekend zijn Asterix en Obelix op dezelfde dag geboren. En om het feest compleet te maken zijn de moeders van de twee vrienden ook naar het dorp gekomen voor het feest. Hun vaders zijn er nog niet. Die hebben met z'n tweeën een souvenirwinkel in Condatum (Rennes) en het is nu hoogseizoen. Maar zodra ze klaar zijn met het werk zullen ze ook komen. Beide moeders hebben ook presentjes meegenomen voor hun zonen. Asterix krijgt een schitterend zwaard en voor Obelix is er een mooie Romeinse helm voor zijn verzameling. En moeders blijven moeders. Zodra ze alleen zijn met hun kinderen wordt er naar eventuele trouwplannen geïnformeerd. Dit tot ontzetting van zowel Asterix als Obelix. Maar wat nog niemand in het dorp weet, is dat de presentjes ook een hoop herrie zullen gaan geven. De vaders van de twee Gallische strijders worden door de Romeinen gearresteerd. Want wat blijkt? Het zwaard en de helm behoren toe aan Pompejus, een rivaal van Caesar. De eeuwig dronken ex-soldaat Bacchionysus heeft het zwaard en de helm meegenomen en deze geruild voor wat drank. Nu weten veel mensen aan wie het zwaard en de helm toebehoren. En Pompejus wil zijn aanwezigheid in Gallië stil houden. Hij is namelijk bezig om een leger op de been te brengen om Caesar van de troon te stoten. De vaders van Asterix en Obelix (Astronomix en Obelopalix) worden samen met Bacchionysus in de kerker gegooid. En er moet een plan komen om de wapens terug te krijgen. Omdat het sturen van legioenen geen zin heeft, wordt er door de aanhanger van Pompejus, prefect Bonusmalus, iets anders verzonnen. Hij heeft een actrice gevonden, de grote Latraviata.  Met behulp van een pruik is Latraviata het evenbeeld van Walhalla. Het is Bonusmalus bekend dat Obelix bijzonder gevoelig is voor de charmes van de echte Walhalla. De namaak Walhalla moet het zwaard en de helm zien terug te krijgen. Onder begeleiding van een Romein, Pincodus, gaat de vermomde Latraviata naar het dorp van Asterix en Obelix. Ze zal net doen alsof ze (als Walhalla) haar geheugen kwijt is en alleen Obelix nog kent. Het blijkt inderdaad heel gemakkelijk om de helm van Obelix te krijgen. Maar dan blijft het zwaard nog over. En die is nu in het bezit van Asterix. Door de twee vrienden tegen elkaar uit te spelen, krijgen Asterix en Obelix ruzie. Hierbij verkoopt Obelix Asterix een mep. Deze is daarvan danig van de kaart en weet niet meer wie hij is of waar. Maar een drankje van Panoramix doet wonderen, hoewel het ook wel wat onbedoelde bijwerkingen heeft. Ondertussen is het gerucht dat Pompejus bezig is een leger op de been te brengen uitgelekt en Caesar neemt tegenmaatregelen. Hierdoor ontstaat tussen de Romeinen onderling een groot wantrouwen. Ben je voor Caesar of voor Pompejus? En in Condatum is de echte Walhalla er achter gekomen dat de vaders van Asterix en Obelix in de kerker zitten en dus haast zij zich, samen met haar man Tragicomix, naar het dorp. Maar halverwege komen ze de kar tegen met de vermomde Latraviata. Dan blijkt de waarheid. En Asterix en Obelix gaan hun vaders uit de kerker redden. Ook Caesar zelf komt nog langs en krijgt Pompelus op een presenteerblaadje van Asterix. Als dank krijgt Asterix een gouden beeldje van Caesar, dat hij onmiddellijk aan Latraviata geeft vanwege de geweldige voorstelling. Het avontuur is goed afgelopen en dit wordt gevierd met een groot feestmaal onder de sterren. Maar let eens op Idefix!!! In Asterix en Latraviata (Astérix et Latraviata) uit 2001 maken we uitgebreid kennis met de families van Asterix en Obelix. In het album 'Het pretpakket' viel voor het eerst de verjaardag van Asterix en Obelix tegelijk. Ze worden op dezelfde dag geboren. Omdat 'Het pretpakket' in Nederland pas in 2003 werd uitgegeven, zal het enige verwondering hebben gewekt dat beide helden tegelijk jarig zijn. In het album 'Obelix & co' was dit namelijk nog niet het geval. Ook zien we de ouders van Asterix en Obelix in het album verschijnen. Dit is overigens niet de eerste keer, ze zijn wel vaker voor het voetlicht getreden. Naast de ouders van Asterix en Obelix komen we ook nog een aantal oude bekenden tegen. Natuurlijk Walhalla en haar man Tragicomix. Zij deden voor het eerst hun intreden in het album 'Asterix en het 1ste legioen'. Maar er is nog een oude bekende. En wel Bacchionysus, hij komt ook voor in 'Het geschenk van Caesar'. De naam van Latraviata komt van La Traviata. Dit de titel van een opera van Giuseppe Verdi. La traviata betekent zoveel als 'De dolende'. Hier en daar zitten ook verwijzingen in het album verwerkt. Op pagina 7 is een verwijzing naar de hoge snelheids lijn (in Frankrijk de TGV). Latraviata is de eerste actrice een Caesar mag ontvangen (op pagina 46). Een hint natuurlijk naar de oscar-uitreiking. Althans, dat was mijn eerste gedachte. Maar ik vergat dat er nog een filmprijs bestaat en wel de Franse César. Deze filmprijs wordt ieder jaar uitgereikt sinds 1975. De genomineerden worden beoordeeld door de Académie des Arts et Techniques du Cinéma. De prijs ontleent haar naam aan het beeldje van de beeldhouwer César Baldaccini. Het zal dit beeldje zijn dat Uderzo bedoeld. Maar ook het stichten van een gezin zit als een rood draadje door het album heen. Zo zijn de koppelpogingen van de moeders voor hun zonen. Maar er is er maar één die daadwerkelijk van de kaart raakt. En dat is Idefix. Op pagina 28 ziet hij een mooi vrouwtje en is direct verkocht. Obelix is de rest van het verhaal zijn hondje dan ook kwijt. maar op de laatste pagina komt hij terug met het vrouwtje...en kroost. Het is een redelijk album geworden. Het uitgangspunt van het verhaal en de twist van de namaak Walhalla is goed. Alleen is er ook nu een stukje dat mij zo kan bekoren. En dat is het gedeelte waar Asterix na het drinken van een toverdrank redelijk rondstuitert. Net als met het Atlantis deel in het vorige album voegt dit weinig toe. Wel heel leuk verwerkt is de verliefdheid van Idefix. |
 Asterix en Obelix zijn op jacht naar everzwijnen. Maar zodra zij er één zien is het dier volledig verstijfd. Ook horen ze geen enkel geluid meer in het bos. Ongerust snellen de twee vrienden terug naar het dorp. Hier treffen ze de dorpsbewoners aan in dezelfde toestand als het everzwijn. Volledig bevroren. Alleen Panoramix lijkt hieraan te zijn ontsnapt. Dan beseffen de drie wat de reden is. Asterix had toverdrank op voordat hij ging jagen, Panoramix had net wat toverdrank geproefd en Obelix...ach dat is bekend. Dan verschijnt er een reuzenbol boven het dorp. Hieruit komt al snel een paars gekleurd wezentje. Het wezentje blijkt Toon toen te heten en te komen van een verre planeet genaamd Tadsylwine. De bol is zijn ruimteschip. Vrijwel direct wordt hij gevolgd door een superkloon die de opdrachten van Wydelistaner uitvoert. Op verzoek van de drie vrienden zorgt Toon ervoor dat de dorpelingen weer uit hun verstijving los komen. Het leven in het dorp neemt weer een aanvang. Dan vertelt Toon de reden van zijn komst. Hij wil de dorpelingen waarschuwen tegen de Nagma's, een ander ruimtevolk. Het hele universum weet dat de Galliërs een geheim wapen bezitten en de Nagma's willen dit hebben. Als snel verschijnt er een Nagma en de strijd tussen hem en de Wydelistaner om de toverdrank brandt los. Maar uiteindelijk slagen beiden hier niet in en vertrekken van de aarde. Toon zorgt ervoor dat alle herinneringen bij de Galliërs en de Romeinen zijn gewist.  Wat jammer! Het laatste reguliere album uit de serie, 'Het geheime wapen' (Le ciel lui tombe sur la tête) uit 2005, is een bijzonder zwak verhaal geworden. Werkelijk nergens heeft het een glimlach op mijn gezicht kunnen brengen. Asterix die te maken krijgt met aliens. Nee, dit past echt niet in de geest van de strip. Onze kleine held mag de strijd aanbinden met vele bekendheden uit de klassieke geschiedenis, plaatsen bezoeken en wereldreizen maken. Maar een bezoek van een hogere technologie die een tegenstander meebrengt en een soort star wars gaan spelen, is niet wat ik verwacht. Het verhaal zelf heeft ook te weinig. Het album is een ode aan Walt Disney. De planeet waar de bezoeker vandaan komt heet Tadsylwine (dit is een anagram van Walt Disney). En wanneer je de naam Wydelistaner anders rangschikt krijg je Walt Disney-er. Zijn uiterlijk is ontleend aan Mickey Mouse, een bedenksel van Walt Disney. Overigens kan je dit al snel verzinnen wanneer je de boodschap achter in het album leest. De superkloon is een karikatuur van Arnold Schwarzenegger in een Superman outfit. In het verhaal zitten ook nog andere verwijzingen verwerkt naar de Amerikaanse comics, zoals Spiderman en Batman. Het verhaal verscheen in 2005. De golfoorlog die onder president Bush is gestart zit ook in het verhaal verwerkt. Het geheime wapen dat gezocht wordt kan vergeleken worden met de vernietigingswapens die Irak zou hebben gehad (en waarvan later overigens niets bleek te kloppen). Op pagina 20 vertelt Toon dat hun wijze man Hubs heet, verander de lettervolgorde en je krijgt Bush. De tegenstanders van Toon zijn de Nagma. Ook dit is een verwijzing naar strips en wel de manga strips die bijzonder populair zijn in Japan en waarvan de films en boekjes inmiddels zijn komen overwaaien naar Europa. Series als Yu-Gi-Oh! zijn ook in Nederland gemeengoed geworden. De vormgeving van de Nagma is eveneens van dit soort strips afgeleid. |
 De verjaardag van Asterix en Obelix - Het guldenboek (L'Anniversaire d'Astérix et Obélix - Le Livre d'or) werd uitgebracht op 22 oktober 2009. Met dit album wordt gevierd dat de serie nu 50 jaar bestaat. Het album zal grotendeels zijn geschreven door Albert Uderzo, hoewel op de kaft ook René Goscinny wordt genoemd als tekstschrijver. En er is een feest van gemaakt! Een mooie ode aan een geweldige stripserie die al een halve eeuw plezier heeft gebracht. Het album bestaat uit verschillende verhalen en invalshoeken. Omdat de strip nu 50 jaar is, leek het Uderzo wel grappig om het dorp te tekenen, waarbij er inderdaad 50 jaren verstreken zijn.  Het eerste verhaal speelt dan ook in jaar 1. We zien de zoon van Hoefnix bezig met een metalen kunstgebit voor de oudjes van het dorp. Asterix die op zijn kleinkinderen past. Maar niet alles verandert. Nestorix zit nog steeds onder de plak (ook al is hij al meer dan 100 jaar, kan niet anders). Ook onze helden zijn inmiddels kaal en oud. Maar dan komt de tekenaar uitleggen dat het allemaal maar een grapje is, een grap waar Obelix niet om kan lachen. En dus krijgen de twee vrienden weer hun oude (dus jongere) voorkomen terug. Dus zijn we terug in het jaar 49 V. Chr. en de verjaardag van Asterix en Obelix wordt gevierd. Allerlei bekenden uit vorige avonturen komen de twee vrienden feliciteren met hun verjaardag. De vrouw van Nestorix toont ons diverse versies van Obelix in verschillende outfits, een reis door de toekomst van Frankrijk. Voor Asterix heeft ze wel iets heel aparts in gedachte. Er zitten diverse korte verhalen in het album. Zo is er een verhaal over hoe de toekomstige gezinnen van Asterix en Obelix eruit zouden zien (althans volgens de bekende dames uit het dorp), Obelix die Panoramix niet helemaal begrepen heeft, tot aan toekomst voorspellingen van waarzeggers en leden van het Romeinse theater. Albert Uderzo heeft een mooi eerbetoon gemaakt aan Asterix en Obelix (en aan Goscinny). Het is een mooi overzicht geworden van 50 jaar stripgeschiedenis. Veel bekenden uit eerdere avonturen komen opdraven, tot aan Julius Caesar toe (zij het na behoorlijk aandringen van Cleopatra). |
|
|
|